Hoofdmenu
 Cursusaanbod
 Foto van de dag
024.jpg

(1) 2 3 4 ... 11 »
Algemeen : Rapport Ziekenhuizen goed op weg met implementatie normen voor afdelingen SEH
Gepost door webmaster op 30-01-12 (33 gelezen)

Zeer recent heeft de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) gerapporteerd over de kwaliteitsverbeteringen die de onderzochte ziekenhuizen hebben doorgevoerd op het gebeid van de SEH. Eind 2010 verscheen het rapport Vanuit een stevige basis, waarin een kwaliteitsondergrens werd vastgesteld voor de afdeling SEH.

In dit laatste rapport werden kwalificatie-eisen beschreven voor bijvoorbeeld zowel de SEH-arts, alsook de SEH-verpleegkundige. De IGZ constateert in haar rapport van januari 2012 dat de opleidingen voor beide groepen zijn geprofessionaliseerd en dat daarmee veel aandacht is besteed aan de medisch inhoudelijke ontwikkelingen op de SEH. Zo constateerde de IGZ dat op alle onderzochte SEH’s (op één ziekenhuis na) SEH-verpleegkundigen werkzaam zijn die beschikken over de vereiste competenties. Waar dit niet het geval was, heeft het ziekenhuis besloten de SEH op te heffen en te herinrichten als afdeling Acute Zorg.

Op nagenoeg elke SEH, zo schrijft de IGZ, zijn verpleegkundigen werkzaam die in het bezit zijn van de opleiding tot SEH-verpleegkundige, de Trauma Nursing Core Course (TNCC) en veelal ook in het bezit zijn van de Emergency Nursing Pediatric Course (ENPC).

In haar nabeschouwing (pagina 25 van het rapport) constateert de IGZ dat sinds het uitkomen van het VWS-rapport Vanuit een stevige basis de afdelingen SEH in Nederland voortvarend aan de slag gegaan zijn om zo snel mogelijk aan de normen van het rapport te voldoen.

U kunt het rapport middels deze link inzien en/of downloaden.

Reageren?
Algemeen : Bestuur NVSHV overlegt met VWS
Gepost door webmaster op 30-09-11 (243 gelezen)

Begin september jl. vond overleg plaats tussen een bestuurlijke afvaardiging NVSHV en het ministerie van VWS, directie curatieve zorg 2de lijn en de directie Beroepen, Wetgeving en Taakherschikking. Aanleiding tot dit overleg was de op komst zijnde brief van de minister van VWS (eind 2011) inzake de (her)inrichting van de acute zorg. De afgelopen maanden bereikten ons al regelmatig het nieuws dat het huidige kabinet het aantal SEH-afdeling (fors) wil verminderen ten gunste van versterking acute zorg 1ste lijn.

Tijdens het gesprek blijkt, zo is de conclusie achteraf, dat het ministerie nog weinig richting en visie heeft inzake een aantal essentiële vraagstukken, zoals: de financiering acute zorg, de prestatie-indicatoren, het onderscheid tussen basis acute zorg en ziekenhuizen met een profiel in de acute zorg en ook taakherschikking in de acute zorg. Op dit laatste punt pleitte de NVSHV voor een vergaande vorm van taakherschikking, met de SEH-verpleegkundige als vertrekpunt. Op dit moment wordt taakherschikking vanuit het ministerie vooral ingevuld door de inzet van de verpleegkundig specialist, artikel 14 Wet BIG. Via wetgeving worden taken en daaraan gekoppelde bevoegdheden opnieuw ingeregeld. Een gemiste kans, in de opvatting van de NVSHV.
In de spoedeisende hulp verlening zijn veel goed gekwalificeerde SEH-verpleegkundigen werkzaam, die uitstekend in staat zijn de laag complexe acute zorgvragen adequaat en kwalitatief volwaardige ‘’af te handelen’’, zonder dat deze verpleegkundigen zich eerst moeten kwalificeren tot verpleegkundig specialist.
Anders gezegd: leidt beperkte taakherschikking zoals die nu door de overheid wordt opgezet niet snel tot een fuikfunctie voor hoog opgeleide verpleegkundige beroepsbeoefenaren? Het departement nodigde de NVSHV uit om met onderzoeksgegevens te komen waarin werd aangetoond dat die SEH-verpleegkundige uitstekend in staat is om laag complexe acte zorg ter verlenen, zonder tussenkomst van een medicus. Het zou mooi zijn hieraan tevens een verpleegkundig tarief te koppelen, om daarmee een zekere doelmatigheid te bereiken in termen kosten.

Een tweede belangrijk gesprekspunt tijdens het overleg was het profiel van de basis acute zorgvoorziening. Wat is hierover de opvatting van de NVSHV, zo was de vraag van het ministerie. Dit vraagstuk verkennend was de slotconclusie dat het huidige profiel, zoals opgenomen in het rapport van 2010: Kwaliteit op de SEH: vanuit een stevige basis op onderdelen uitstekend geschikt zou zijn voor het profiel van een basis acute zorgvoorziening. Met name het profiel van de SEH-verpleegkundige* zou hierin integraal kunnen worden overgenomen, zo was ook de opvatting van het ministerie.

Het departement worstelt, zo blijkt, nog steeds met de vraag wie in de regio nu de regie moet krijgen in de acute zorg? Ligt dat bij de ziekenhuizen, bij het ROAZ, bij het openbaar bestuur en veiligheid, of moet er een nieuw kader geschetst worden? Zonder een duidelijk standpunt hierover ingenomen te hebben, was de conclusie van beide partijen dat er nog veel ingekleurd dient te worden in de acute zorgketen, ook voor wat betreft de regie.
Met de boodschap van VWS om vooral zelf als beroepsgroep aan eigen identiteit en ontwikkeling te werken werd het gesprek afgesloten en kijkt het bestuur uit naar de aangekondigde brief acute zorg.


* In het betreffende rapport wordt gesproken over een SEH-verpleegkundige met volgende opleidingen: de opleiding tot SEH-verpleegkundige, de Trauma Nursing Core Course (TNCC) en de Emergency Nursing Peditrac Course (ENPC) en een training op het gebied van de triage.

Reageren?
STNN : ALSG en STNN tekenen intentieverklaring tot samenwerking
Gepost door webmaster op 30-08-11 (474 gelezen)
STNN

Stichting Advanced Life Support Groep Nederland (ALSG) en Stichting Trauma Nursing Nederland (STNN) ondertekenen intentie tot vergaande samenwerking.

De ALSG en de STNN ondertekenen op 07 september 2011 een intentie tot samenwerking. Beide partijen geven hiermee aan, de mogelijkheden te willen verkennen om met ingang van 01 januari 2013 de handen ineen te slaan.

Voor de ALSG groep betekent toetreding van de STNN de mogelijkheid om krachten te bundelen en het acute spectrum aan specifieke trainingen op het gebied van de acute zorg/trauma– en rampengeneeskunde voor veelal wetenschappelijke disciplines, nu ook uit te breiden met een exclusief verpleegkundige doelgroep. Eerder al werkten ATLS (eveneens onderdeel van de ALSG groep) en STNN nauw samen in het opzetten van een teamtraining voor artsen en verpleegkundigen in de opvang van (multi) traumapatiënten.

Voor de STNN betekent samenwerking met de ALSG enerzijds de afsluiting van een periode van zestien jaar waarin de Trauma Nursing Core Course (TNCC) en de Emergency Nursing Pediatric Course (ENPC) succesvol in Nederland werden geïntroduceerd. Beide cursussen zijn door het werkveld erkend en als zodanig opgenomen in het kwalificatieprofiel van de SEH-verpleegkundige. Anderzijds betekent samenwerking met de ALSG dé mogelijkheid tot het verder ontwikkelen van het multidisciplinair opleiden. Immers, daar waar patiëntenzorg teamwork vereist, zal ook het onderwijs gericht moeten zijn op het team van hulpverleners; een lang gekoesterde wens van de STNN komt hiermee binnen handbereik. Ook in de bedrijfsvoering van de STNN kan met deze samenwerking een efficiëntieslag gemaakt worden.

Uiterlijk 01 april 2012 wordt de fase van verkenning afgerond.
Voor nadere informatie over dit persbericht kunt u contact opnemen met Nicole Schaapveld, directeur ALSG, via tel 013-5800211 of nschaapveld@alsg.nl

U kunt de tekst van dit persbericht downloaden.

Onderstaand enkele foto's van deze gelegenheid.

Op de groepsfoto ziet u van links naar rechts:
- drs. W.F. Butker, penningmeester ALSG
- mevr. N. Schaapveld, directeur ALSG
- prof. Dr. L.P.H. Leenen, voorzitter ALSG
- drs. P.J.J. Jochems, voorzitter Raad van Bestuur STNN
- ing. E. Bakker, Msc, lid Raad van Toezicht STNN
- Beth. D. Dijkstra, lid Raad van Toezicht STNN
- dr. D.J. Versluis, MHA, secretaris ALSG




Reageren?
Algemeen : NVSHV aan de slag met kwalteitsregister!
Gepost door webmaster op 13-07-11 (382 gelezen)

De NVSHV heeft de eerste stappen gezet op weg naar een eigen kwaliteitsregister. Tijdens de algemene ledenvergadering van 2011 is in gezamenlijk overleg en vooral ook op aandringen van vele managers van afdelingen SEH het besluit hiertoe genomen. De aanleiding tot dit besluit is divers.

Zo heeft de NVSHV besloten zich niet aan te sluiten bij het kwaliteitsregister Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (V&VN). Het register van de V&VN mag eigenlijk de naam van een kwaliteitsregister niet hebben, er worden namelijk geen kwaliteitseisen gesteld aan bijvoorbeeld de opleidingen en trainingen die worden geregistreerd, het gaat slechts om registratie van (contact)uren. Vele beroepsorganisaties, waaronder de NVSHV, hebben juist behoefte aan uitspraken over de kwaliteit van een opleiding/training en de kwaliteit van een werkplaats.

Een tweede belangrijk argument is het verschijnen van het Rapport werkgroep kwaliteitsindeling: Spoedeisende Hulp: vanuit een stevige basis (commissie Breedveld, 2010). In dit voor het werkveld belangwekkende rapport wordt het profiel van de SEH-verpleegkundige beschreven en worden de opleidingseisen waaraan een gekwalificeerde SEH-verpleegkundige dient te voldoen beschreven. In het rapport wordt vermeldt dat een SEH-verpleegkundige in het bezit dient te zijn van een verpleegkundige vervolgopleiding op het gebied van de SEH, een specifieke opleiding op het gebied van triage, een specifieke training op het gebied van de trauma, zoals de Trauma Nursing Core Course (TNCC) en een specifieke training op het gebied van kinderen, zoals de Emercency Nursing Pediatric Course (ENPC). In het genoemde rapport wordt gemeld dat het van belang is dat het gaat om specifieke trainingen die vergelijkbaar zijn met internationaal gecertificeerde cursussen. Ook met het oog hierop heeft de NVSHV besloten tot de invoering van een kwaliteitsregister. Hiermee wordt het in de nabije toekomst mogelijk ook andere en specifieke trainingen te toetsen op vergelijkbaarheid en uitwisselbaarheid. Om dit te kunnen realiseren wordt hiertoe eerst een toetsingskader ontwikkeld, hierna kunnen door onderwijsinstellingen aangeboden specifieke trainingen worden vergeleken en als gelijkwaardig/niet-gelijkwaardig worden erkend.

In aansluiting op het hier bovengenoemde en in overleg met werkgevers, het College van Ziekenhuisopleidingen (CZO), het ministerie van VWS en de Inspectie voor de Volksgezondheid is er een verantwoordelijkheidsdeling aangebracht tussen het CZO en de NVSHV inzake het kwaliteitstoezicht opleidingen/trainingen. Het CZO ziet toe op de kwaliteit van de vervolgopleiding tot SEH-verpleegkundige, de NVSHV op al het specifiek onderwijs gericht op de SEH-verpleegkundige. Met andere woorden: de kwaliteitsbewaking van alle specifieke bij- en nascholingen/trainingen gericht op het vakgebied van de SEH-verpleegkundige worden hiermee gerekend tot de verantwoordelijkheid van de beroepsgroep, de NVSHV in deze.

Stand van zaken Met bovengenoemde als beleidskader voor het kwaliteitsregister NVSHV heeft ondertussen een oriëntatie plaatsgevonden op de diverse kwaliteitsregistratiesystemen. Gesprekken hebben plaatsgevonden met beroepsgroepen die ook een eigen kwaliteitsregister voeren, waaronder de Nederlandse Vereniging van Hart en Vaatverpleegkundigen (NVHV). Ondertussen heeft het bestuur van de NVSHV een keuze gemaakt inzake de infrastructuur kwaliteitsregister en zoekt zij aansluiting bij de Gemeenschappelijke Accreditatie Internet Applicatie (GAIA). Op dit moment wordt er gewerkt aan een businessplan om tot uitwerking van het kwaliteitsregister te komen. Via de website wordt u op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen op dit dossier.

Reageren?
Algemeen : Samen trainen voor beter Samen werken
Gepost door webmaster op 20-06-11 (467 gelezen)

Teamwork!
Samen Trainen voor beter Samen werken

Corrie Paardekooper, SEH-verpleegkundige LUMC Leiden, TNCC-instructeur
Joop Breuer, SEH-verpleegkundige LUMC Leiden, TNCC-instructeur


In Nederland en internationaal is de systematische opvang van traumapatiënten middels de TNCC en ATLS methode een algemeen geaccepteerde standaard.

Tot nu toe worden in deze cursussen artsen en verpleegkundigen apart van elkaar opgeleid met het gevolg dat het aspect communicatie, taakverdeling en interdisciplinair samenwerken niet voldoende behandeld wordt. Maar vooral bij de opvang van politraumapatiënten in een multidisciplinair team zijn naast de competentie medisch en verpleegkundig handelen deze “soft-skills” enorm belangrijk voor de kwaliteit van een opvang.

Om de veiligheid en efficiëntie van de acute opvang van de traumapatiënt te verbeteren bieden de stichtingen ATLS en STNN sinds kort een interdisciplinair teamtraining met het accent op de samenwerking aan. De teamtraining vindt daarbij in de realistische werkomgeving van het eigen ziekenhuis plaats.

21 januari werd op de spoedeisende hulp afdeling van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) als tweede ziekenhuis in Nederland deze training gedaan (eerder vond dit plaats in het Elkerliek ziekenhuis Helmond en zeer recent nog in het Gelre ziekenhuis Apeldoorn). Het format van de training is als volgt: aan de hand van twee scenario’s wordt een trauma opvang geoefend door het trauma opvang team.
Alle bij de trauma betrokken specialismen en beroepsgroepen zijn bij de training aanwezig: chirurgen, traumatologen, seh-artsen en -verpleegkundigen, anesthesisten, anesthesie assistenten, radiologen, radiologisch laboranten, orthopeden en neurologen. De training wordt door twee trainers begeleidt: één TNCC instructeur vanuit het verpleegkundig veld en een ATLS instructeur vanuit de medische hoek.

De deelnemers aan deze training worden afwisselend in twee groepen verdeeld. Één helft van de deelnemers neemt deel aan de eerste trauma opvang, de andere helft van de deelnemers zit in een andere ruimte en observeert via een beeld/geluid verbinding de opvang. In het tweede oefenscenario worden de rollen omgedraaid.

Direct aansluitend aan de scenario’s bestaat de mogelijkheid uitgebreid feedback gegeven, zowel door de trainers als door de deelnemers en observanten. Basis voor de feedback zijn de uit de luchtvaart bekende Crew Resources Management principes. Medisch inhoudelijk was door de eerder gevolgde cursussen ATLS en TNCC maar zelden een opmerking nodig. Elke deelnemer aan de training kan zijn of haar observaties delen met alle andere aanwezigen. Door de observaties met elkaar te bespreken worden een aantal zaken benoemd die verhelderend werken. Men kijkt met elkaar als professionals naar de verbeterpunten. Zo bleek tijdens de nabespreking dat een aantal zaken welke voor één discipline vanzelfsprekend waren voor de andere discipline juist verwarrend werkten. Daarbij werd er tijdens de opvang soms slecht geluisterd, geen feedback gegeven en was er onduidelijkheid over het leiderschap en functioneren in een teamverband.

Deze training, onder de stimulerende leiding van Walter Henny, ATLS instructeur, en Els Michies, TNCC instructeur, werd door de deelnemers enthousiast ontvangen. Door samen te oefenen, samen te observeren en samen na te bespreken is de aanzet gegeven tot duidelijker communicatie en meer begrip voor elkaars taak tijdens de opvang van trauma slachtoffers.

Ondertussen hebben de Stichtingen ATLS en de STNN besloten deze interdisciplinaire teamtraining Samen trainen voor beter Samen werken open te stellen voor alle zorginstellingen die betrokken zijn bij de acute zorg. Als voorwaarden tot het volgen van deze training is gesteld dat teamleden in het bezit dienen te zijn van de ATLS, dan wel de TNCC en de bereidheid hebben zich kritisch te laten observeren door onafhankelijk deskundigen. Met dit aanbod verwachten de stichting ATLS en de STNN een volgende stap te zetten op weg naar een kwalitatief hoogwaardige acute zorg in Nederland. Bij vragen en/of belangstelling voor deze training wordt verzocht contact op te nemen met de stichting ALSG, 013 5800211 of nschaapveld@alsg.nl.

Reageren?
Algemeen : Foto's 2005
Gepost door webmaster op 02-01-11 (1079 gelezen)

Binnenkort gaan de foto's van 2005 offline. Grijp dus uw kans en download "uw" foto's uit 2005.

Reageren?
Algemeen : Rapport Arbeidsmarktonderzoek SEH-verpleegkundigen aangeboden aan minister Klink.
Gepost door webmaster op 24-06-10 (1516 gelezen)

Lees verder... | 3144 bytes meer | Reageren?
Algemeen : Foto's 2004
Gepost door webmaster op 28-12-09 (1769 gelezen)

Binnenkort gaan de foto's van 2004 offline. Zodoende blijft de hoeveelheid benodigde ruimte op de server beperkt tot de huidige 450 MB. Niet vreemd natuurlijk voor een foto-gedeelte waar ruim 1800 foto's in ca. 200 cursus-albums staan die de afgelopen jaren meer dan 180.000 maal bekeken zijn...

Grijp dus uw kans en download "uw" foto's uit 2004.

Update 26 januari 2010: De foto's van 2004 zijn inmiddels verwijderd.

Reageren?
Algemeen : Gezocht: professionals met een mening over Landelijke Protocollen Ambulancezorg (LPA) en Landelijke Protocollen Spoedeisende Hulp (LPSEH)!
Gepost door webmaster op 13-09-09 (1555 gelezen)

Gezocht: SEH- en ambulanceverpleegkundigen met een mening over Landelijke Protocollen Ambulancezorg (LPA) en Landelijke Protocollen Spoedeisende Hulp (LPSEH)!

Wij zijn op zoek naar SEH- en ambulanceverpleegkundigen die willen vertellen over hun (werk)ervaring met de Landelijke Protocollen Ambulancezorg (LPA), de Landelijke Protocollen Spoedeisende Hulp (LPSEH) of protocollen in zijn algemeenheid. Dit in het kader van het project ‘Ketenbrede Landelijke Protocollen Spoedzorg’ (KLPS-project), dat wordt uitgevoerd door het Lectoraat Acute Intensieve Zorg. Met dit project wordt onderzocht in welke mate SEH- en ambulanceverpleegkundigen de landelijke protocollen opvolgen en welke factoren deze opvolging beïnvloeden.

Wij zijn op zoek naar zowel voorstanders als tegenstanders. Met jouw mening en ervaringen wordt een praktijk gerichte strategie ontwikkeld om de LPSEH beter aan te laten sluiten bij de praktijk.

Dus.. heb je een uitgesproken mening over de LPA, de LPSEH of protocollen? Hecht jij veel waarde aan protocollen of vind je ze juist overbodig? Stuur dan een email naar onderstaand emailadres en vermeld dat je interesse hebt. Na aanmelding wordt contact met je opgenomen en krijg je verdere informatie. Je kunt dan altijd nog beslissen of je mee wilt doen of niet!

Remco Ebben, verpleegkundige en onderzoeker
Lectoraat Acute Intensieve Zorg, Hogeschool van Arnhem en Nijmegen
Remco.Ebben@han.nl

Reageren?
Algemeen : Start project ‘Ketenbrede Landelijke Protocollen Spoedzorg’ (KLPS)
Gepost door webmaster op 04-09-09 (1505 gelezen)

In juni 2009 is het lectoraat Acute Intensieve Zorg van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN) gestart met het project ‘Ketenbrede Landelijke Protocollen Spoedzorg’ (KLPS-project). Tijdens dit project wordt onderzocht hoe vaak de protocollen op ambulances en spoedeisende hulpafdelingen worden gebruikt, in welke mate zij worden opgevolgd en welke factoren deze opvolging beïnvloeden. Dit is tot op heden onbekend. Het uiteindelijke doel is 3 nieuwe evidence-based protocollen voor de spoedzorgketen. Het project loopt van juni 2009 t/m november 2011.

Probleem
In de dagelijkse praktijk van de spoedzorg maken richtlijnen en protocollen onderdeel uit van het professioneel handelen door zorgverleners. Binnen deze keten heeft elke beroepsgroep zijn eigen protocollen ontwikkeld om professioneel handelen in complexe situaties te bevorderen. De ambulancezorg kent de Landelijke Protocollen Ambulancezorg (LPA 7.1) en de spoedeisende hulp heeft de Landelijke Protocollen Spoedeisende Hulp (LPSEH 1.1). Op dit moment is het onbekend hoe vaak de LPA en LPSEH worden gebruikt en in welke mate zij worden opgevolgd door SEH- en ambulanceverpleegkundigen. Ook is niet bekend welke factoren deze mate van opvolging beïnvloeden. Daarnaast sluiten protocollen voor identieke onderwerpen inhoudelijk niet altijd op elkaar aan en zijn zij niet evidence based ontwikkeld. Tot slot ontbreken indicatoren om naleving en opvolging van de protocollen in de toekomst te monitoren.

Relevantie voor de praktijk
Omdat protocollen mede zijn gebaseerd op de meest recente (wetenschappelijke) kennis, kan de patiënt er op rekenen dat hij kwalitatief goede zorg ontvangt die wetenschappelijk is getoetst. Daarnaast krijgt de patiënt meer eenduidige zorg wanneer zorgverleners volgens eenzelfde ketenprotocol handelen. Dit leidt tot uniformiteit in zorg. Voor de zorgverlener betekent de aanwezigheid van een protocol dat hij niet altijd zelf op zoek hoeft naar wetenschappelijke onderbouwing van zijn handelen. Dit scheelt tijd, energie en geld dat weer kan worden besteed aan directe patiëntenzorg.

Projectdoelstelling
Om bovenstaande problemen het hoofd te bieden is het lectoraat Acute Intensieve Zorg van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN) in juni 2009 gestart met het project ‘Ketenbrede Landelijke Protocollen Spoedzorg’ (KLPS-project). Het project kent twee fases met elke hun eigen doelstellingen:

1.fase 1: onderzoeken en ontwikkelen implementatiestrategie
Doel van deze fase is inzicht verkrijgen in hoe vaak de LPA en LPSEH worden gebruikt, in welke mate zij worden opgevolgd en welke factoren deze opvolging beïnvloeden. Op basis van deze beïnvloedende factoren wordt een implementatiestrategie ontwikkeld, welke gebruikt wordt in fase 2. Gegevens worden verzameld met een vragenlijst, dossieronderzoek, interviews en groepsinterviews.

2.fase 2: ontwikkelen 3 ketenbrede landelijke protocollen spoedzorg
Doel van deze fase is het ontwikkelen van 3 ketenbrede landelijke protocollen op identieke onderwerpen voor de keten van ambulance, SEH en huisartsenpost (HAP). Hiervoor wordt allereerst de mate van overeenkomst tussen alle protocollen vastgesteld en vervolgens worden deze met behulp van de laatste wetenschappelijke inzichten geupdate. Bij de nieuwe ketenprotocollen wordt de implementatiestrategie uit fase 1 bijgeleverd.

Uitvoerders
Het KLPS-project wordt gesubsidieerd uit het programma spoedzorg van ZonMw (www.zonmw.nl/spoedzorg). Dagelijkse uitvoering ligt in handen van het lectoraat Acute Intensieve Zorg. Dit alles in nauwe samenwerking met de Nederlandse Vereniging Spoedeisendehulp Verpleegkundigen (NVSHV), Stichting Ambulancezorg Nederland (AZN), V&VN Ambulancezorg, de Nederlandse Vereniging Spoedeisendehulp Artsen (NVSHA), Nederlandse Vereniging Medisch Managers Ambulancezorg (NVMMA), Nederlands Huisartsengenootschap (NHG), Acute Zorgregio Oost (AZO), UMCN St. Radboud en het Landelijk Expertisecentrum Verpleging & Verzorging (LEVV).

Informatie
Voor meer informatie en vragen kan contact worden opgenomen met Remco Ebben, onderzoeker KLPS-project.

E: Remco.Ebben@han.nl
T: 024 353 07 17

Reageren?
(1) 2 3 4 ... 11 »
 Inloggen
Gebruikersnaam:

Wachtwoord:


Wachtwoord vergeten?

Registreer u nu!
 Zoeken
 De STNN
Site door WebZenZ
(c) 2001-2006 STNN